Wolphaertsbocht - Inspiraties - Pak je ruimte

jdg_01092014_Wolpheartsbocht_D1A4914-2.jpg

Het verhaal van Leonard en Renée

Wolphaertsbocht

Wie het echte Rotterdam wil leren kennen, moet naar Zuid. In de wijk Carnisse ligt de Wolphaertsbocht. Een levendige straat, doorsneden door de trambaan, die van Carnisse naar Charlois slingert. Ook hier wordt steeds meer geklust. De kleine appartementjes die regelmatig van eigenaar wisselden, worden nu uitgebroken door hun nieuwe bewoners, die er ruime woonhuizen van maken. Het fenomeen Klushuizen neemt ook hier het straatbeeld over.

Het verhaal van Leonard en Renée

Hij woonde in Zeeland, zij in Utrecht. Van samenwonen was nog geen sprake. Zelfs niet toen Renée haar Utrechtse huis te koop zette en geheel tegen de verwachting in binnen een paar maanden verkocht. Haar zoektocht naar een nieuwe woning kon beginnen en Leonard hielp natuurlijk mee. Het zoekcriterium? “Oud!”, zegt Leonard. “Het liefst met een gaskachel en granol op de muur, want dan is de woning betaalbaar en kun je er zelf nog iets van maken.”

Terwijl die zoektocht eigenlijk voor een huis voor Renée bedoeld was, begon er ook bij Leonard iets te kriebelen. Dus verplaatste de huizenjacht van de regio Utrecht naar het midden van Utrecht en Zeeland: Rotterdam. En wie in Rotterdam de criteria ‘oud, rijp voor verbouwing en daardoor heel betaalbaar’ hanteert, komt al snel bij het project Klushuizen terecht. “We hebben onze vouwfietsen meegenomen naar Rotterdam voor een rondje langs de beschikbare Klushuizen”, zegt Renée. Op de Wolpaertsbocht wisten ze het zeker. Hier, vlakbij de Pleinweg, wilden ze een huis kopen. Op het eerste oog niet de meest aantrekkelijke buurt, maar voor Renée en Leonard een logische keuze. Leonard: “Ik heb Rotterdam leren kennen als een stad met ballen. Bereid om bepaalde buurten aan te pakken. Dat werkt. Je ziet nu de studenten al in de buurt verschijnen. Eerst de kunstenaars, dan de studenten. Zo is Berlijn ook hip geworden.”

Eerst komen de kunstenaars, dan de studenten. Zo is Berlijn ook hip geworden.

Het bouwproces

Terwijl Renée en Leonard het pand aan de Wolphaertsbocht na het eerste bezoek beschreven als ‘vies, smerig en smal’, wisten ze wel meteen zeker dat dit hun nieuwe huis zou worden. “Het voordeel van Kluswoningen is dat je de garantie hebt dat de bouwtechnische staat van het pand goed is”, zegt Leonard. Dus probeerden ze dwars door de douche op het balkon, de met aluminium bewerkte meterkast en de zeventien krappe units heen te kijken, om zo de zee aan ruimte voor hun nieuwe woning te zien.

In vijf weken tijd haalde een team van zo’n vier werklui dertig containers puin uit het pand. De rolverdeling was duidelijk: Leonard stuurde het bouwteam aan, Renée regelde het papierwerk. “En in het weekend namen we de tijd om te ontspannen”, zegt Leonard. “We hebben bewust niet zelf geklust. Ik ben wegenbouwer. Dan kan ik toch beter mijn eigen werk blijven doen, zodat ik een timmerman kan betalen om zijn werk te doen?”
Dagelijks reed Leonard na zijn werk naar Rotterdam om de vorderingen te volgen en bij te sturen waar nodig. “Ik heb nog nooit zo’n project gedaan, maar uiteindelijk moet je het zien om het te kunnen doen. We kregen vanuit Klushuizen een architect toegewezen die onze plannen naar papier vertaalde en ik kon rekenen op de steun van een bevriend aannemer”, zegt Leonard.

“We zijn begonnen met het bouwen van een koof waar alle leidingen doorheen konden. Vanuit dat punt hebben we met gezond verstand de rest van de ruimtes ingericht. De breedte van het toilet is bepaald aan de hand van het formaat van de krant die ik er altijd lees. De lichtknopjes heb ik rondwandelend in het huis een logische plek gegeven. Een huis moet om je heen ontstaan.” 

jdg_14112014_Wolphaertsbocht_D1A5028-2.jpg
jdg_14112014_Wolphaertsbocht_D1A5142.jpg

Het resultaat

Op de avond na het eerste bezoek aan de kluswoning, wist Leonard al hoe hun toekomstige woning eruit moest zien. Met potlood maakt hij een schets van het huis, zoals het nu, ruim twee jaar later, ook echt is geworden. De begane grond is voor de keuken. Op de eerste verdieping de living. De tweede verdieping wordt de wellness. De derde is om te slapen. De vierde verdieping is voor werk, studie en hobby. “En ooit komt er een dakterras”, zegt Leonard. “De trap is er al. Nu nog even de staatsloterij winnen. En je moet toch wat te dromen overhouden.”

Hetzelfde geldt voor de wellness op de tweede verdieping. Als er weer geld is gespaard, kan ook die er komen. Het inpandige balkon is wel al aangelegd, om heerlijk af te koelen na de sauna.

Op de derde verdieping zijn de balkons juist opgeofferd voor de slaapkamer. “We wilden ons bed niet tegen een van de zijmuren aanzetten”, legt Leonard uit. “Ik vind het een raar idee om met je hoofd zo dichtbij het hoofd van een onbekende te liggen.” Dus staat het hoofdeind tegen de buitenmuur en pasten ze de hele verdieping aan aan hun wensen. Dus is er ook een walk in closet in aanbouw en worden de twee iedere ochtend blij van hun ruime douche.

Hun stijl? “Massive”, zo omschrijft Leonard het. “Alles is robuust. Dat hoort bij het pand en het hoort bij een stad als Rotterdam.” 

Het klusproces

  • Op de Wolpaertsbocht wisten ze het zeker. Hier, vlakbij de Pleinweg, wilden ze een huis kopen. Op het eerste oog niet de meest aantrekkelijke buurt, maar voor Renée en Leonard een logische keuze.

    jdg_14112014_Wolphaertsbocht_D1A5151-2.jpg
  • Op de avond na het eerste bezoek aan de kluswoning, wist Leonard al hoe hun toekomstige woning eruit moest zien. Met potlood maakt hij een schets van het huis, zoals het nu, ruim twee jaar later, ook echt is geworden.

    jdg_14112014_Wolphaertsbocht_D1A4962.jpg
  • “We zijn begonnen met het bouwen van een koof waar alle leidingen doorheen konden. Vanuit dat punt hebben we met gezond verstand de rest van de ruimtes ingericht. De breedte van het toilet is bepaald aan de hand van het formaat van de krant die ik er altijd lees. De lichtknopjes heb ik rondwandelend in het huis een logische plek gegeven. Een huis moet om je heen ontstaan.”

    jdg_14112014_Wolphaertsbocht_D1A5074-2.jpg
  • De vierde verdieping is voor werk, studie en hobby. “En ooit komt er een dakterras”, zegt Leonard. “De trap is er al. Nu nog even de staatsloterij winnen. En je moet toch wat te dromen overhouden.”

    jdg_14112014_Wolphaertsbocht_D1A5089-2.jpg
  • Hun stijl? “Massive”, zo omschrijft Leonard het. “Alles is robuust. Dat hoort bij het pand en het hoort bij een stad als Rotterdam.”

    jdg_01092014_Wolpheartsbocht_D1A4914-2.jpg